Klik hier voor het Coronadossier met relevante informatie voor jou én antwoorden op de meest gestelde vragen over corona en jouw werk.
Zit je vraag er niet bij? Neem dan contact op met de SBA Servicedesk: servicedesk@sbaweb.nl.
Menu
Menu

Samenwerkingsafspraken

Ik merk binnen het team dus dat we anders met klanten omgaan maar dat we ook een verschillend idee hebben over hoe onderling met elkaar om te gaan. Ik vind afspraken nakomen dus erg belangrijk, een aantal collega’s lijkt dat een stuk minder belangrijk te vinden. Ik had het hier laatst over met mijn leidinggevende. Ik heb aangegeven dat ik het fijn zou vinden om het hier over te hebben in het team zodat we het bespreekbaar maken. Maar ook afspraken kunnen maken met elkaar over wat we belangrijk vinden en hoe we met elkaar om willen gaan. Maar hoe pak je zoiets aan?

In een gedragscode beschrijf je het gewenste gedrag binnen een organisatie. Je legt daarin vast hoe je verwacht dat medewerkers omgaan met collega’s, klanten, eigendommen van het bedrijf enz. Als de regels en normen voor iedereen duidelijk zijn, voorkom je discussies over wat er wel en niet mag. Dat komt de sfeer op de werkvloer ten goede. Het is van belang dat de gedragscode bekend is bij alle collega’s. Uitgangspunt voor het opstellen van een gedragscode is een prettige werksfeer en een productieve werkomgeving. Daarnaast is een veilige cultuur op de werkvloer belangrijk om werkstress en ongewenst gedrag effectief aan te pakken.

Vandaag?
Check eens bij je leidinggevende of er binnen de apotheek waar je werkt een gedragscode geldt. Indien dat niet zo is kun je bespreekbaar maken (eventueel in een werkoverleg) of het een idee is om een gedragscode op te stellen met elkaar om zo de werksfeer ten goede te komen.

Morgen?
Als je als team aan de slag gaat met het opstellen van een gedragscode dan kan de volgende oefening je daarbij helpen.

  • Iedere collega maakt voor zichzelf, en zonder te overleggen met de rest, een lijst van do’s en don’ts in dit team. Dingen die juist wel mogen en kunnen, en dingen die niet kunnen of mogen. Schrijf die op en maak de lijst zo lang mogelijk.
  • Als iedereen klaar is met schrijven, leest ieder om beurten een do of een don’t voor. Dat doe je steeds afwisselend: na een do komt een don’t, na een don’t komt een do.
    Noteer ten slotte de meest genoemde do’s en don’ts, of die waar jullie het globaal over eens zijn.
  • Bespreek de do’s en don’ts die verrassend waren voor jullie of die het werkplezier of het teamwork in de weg zitten.
  • Bepaal met elkaar welke do’s en don’ts jullie willen nader willen uitwerken en maak afspraken over het vervolg.